Overgangsregeling 55-
Werknemers die zijn geboren tussen 1 januari 1950 en 31 december 1959 hebben mogelijk recht op de Overgangsregeling 55-.
De Overgangsregeling 55- is een regeling waarmee extra pensioen opgebouwd kan worden. Dit pensioen kan ingezet worden om eerder te stoppen met werken.
Er wordt extra pensioen opgebouwd over dienstjaren uit het verleden. Daarover is namelijk minder pensioen opgebouwd dan fiscaal toegestaan is. De extra pensioenaanspraken worden opgebouwd in de periode 2006-2020. Als deelname aan de regeling eindigt voor 31 december 2020 dan vervalt het recht op dit extra pensioen. Behalve als de pensioenopbouw wordt voortgezet op vrijwillige basis. Dit heet vrijwillige voortzetting. Hier
Op het UPO staat op hoeveel pensioen er recht is vanuit de Overgangsregeling 55-.
De voorwaarden
De werknemer is:
-
geboren in de jaren 1950 t/m 1959
-
onafgebroken deelnemer gebleven tot zijn vervroegde pensionering
-
deelnemer geweest in de oude pensioenregeling, van vóór 1 januari 2006
Verplichte tekst uit Besluit sociaal akoord 2004:
"Het pensioen dat voor u zal worden ingekocht omdat u in het verleden gedurende uw dienstbetrekking(en) één of meerdere perioden hebt gehad waarin minder pensioen is opgebouwd dan op grond van fiscale regelgeving mogelijk is, wordt pas opgebouwd op het moment dat en voor zover de toegezegde aanspraken zijn gefinancierd. Wanneer uw deelname aan de pensioenregeling eindigt voordat deze aanspraken (volledig) zijn gefinancierd, hebt u alleen recht op het op dat moment gefinancierde en opgebouwde deel van deze pensioenaanspraken. Indien bij beëindiging van de deelname aan de pensioenregeling nog geen toegezegd pensioen over verstreken dienstjaren voor u is ingekocht en opgebouwd, hebt u dus ook geen recht op dit deel van uw toezegging. Als aan u is toegezegd dat pensioenaanspraken over verstreken dienstjaren worden ingekocht, dan moeten deze uiterlijk binnen vijftien jaren nadat de toezegging is gedaan, zijn gefinancierd. Wanneer u binnen die vijftien jaar met pensioen zou gaan, moeten de in te kopen pensioenaanspraken al eerder zijn gefinancierd, namelijk uiterlijk op het moment van uw pensionering. Een eenmaal gedane toezegging tot inkoop van aanspraken over het verleden kan in beginsel niet worden ingetrokken of gewijzigd."