Dekkingsgraad in juli gedaald

21
aug
2019

Eind juli was de actuele dekkingsgraad van het pensioenfonds 102,8% en de beleidsdekkingsgraad 106,5%.

De actuele dekkingsgraad is gelijk aan de maandelijkse dekkingsgraad. Die berekenen we dus één keer per maand. Het rendement heeft een positief effect gehad op de ontwikkeling van de dekkingsgraad. Maar door de lage rente van dit moment heeft de technische voorziening een negatieve impact op de dekkingsgraad. Dit zorgt ervoor dat de actuele dekkingsgraad met 1,1% is gedaald ten opzichte van juni.

De beleidsdekkingsgraad is een gemiddelde van de actuele dekkingsgraad over de afgelopen 12 maanden, daardoor wordt een verandering van de actuele dekkingsgraad altijd iets afgevlakt. Deze werd in juli afgesloten op 106,5%, een daling van 0,5%.

We lopen achter op het herstelplan 2019

Volgens het herstelplan 2019 zoals bij De Nederlandsche Bank (DNB) is ingediend zouden we in 2019 een actuele dekkingsgraad van 108,9% moeten hebben en een beleidsdekkingsgraad van 106,9%. We lopen dus achter op het herstelplan. Door deze achterstand is de verwachting dat het moment waarop volledig herstel wordt bereikt ongeveer een jaar later dan in het herstelplan staat. Dat betekent dat we ook pas later de pensioenen kunnen verhogen. Geen toeslagverlening heeft namelijk een positief effect op de dekkingsgraad.

Impact rendement op dekkingsgraad

Het pensioenfonds belegt de ingelegde pensioenpremies. Dat doen we omdat beleggen op de lange termijn vaak meer oplevert dan sparen. Als we niet beleggen, moet er of meer premie worden betaald, of zou je minder pensioen krijgen. Het rendement – het positieve of negatieve resultaat dat wordt behaald met het beleggen- heeft gevolgen voor de hoogte van de dekkingsgraad.    

Wat is de technische voorziening?

Een pensioenfonds heeft bezittingen en verplichtingen. De bezittingen zijn de beleggingen (vermogen) en de verplichtingen zijn de pensioenen die nu en in de toekomst moeten worden uitbetaald. Deze verplichtingen heten samen de technische voorziening. De technische voorziening is dus het vermogen dat naar verwachting nodig is om alle lopende pensioenverplichtingen te kunnen betalen. De technische voorziening wordt berekend op basis van veronderstellingen met betrekking tot de toekomst. Het gaat dan bijvoorbeeld om beleggingsopbrengsten (rente, inflatie) en de overlijdenskansen (vergrijzing, medische ontwikkeling).