Sander de Wit, 12 jaar aan het werk in de meubelbranche.

“Als ik heel eerlijk ben, vind ik het al lastig genoeg om elke maand mijn financiële plaatje rond te krijgen. Ik had me tot voor kort dan ook nooit verdiept in mijn pensioen. Tot mijn werkgever me zei dat hij zelf als ondernemer niet op de loonlijst staat en geen pensioen opbouwt bij Pensioenfonds Meubel. Hij is al eind vijftig en maakte zich zorgen over zijn financiële plaatje straks.

Hij zei tegen me: prijs je maar gelukkig dat je verplicht pensioen opbouwt bij het pensioenfonds. Nu is het natuurlijk vervelend dat je zelf de helft van de pensioenpremie betaalt. Maar na een loopbaan in de meubelbranche heb je wel een aardig pensioen opgebouwd.

Ik had nog nooit nagedacht over mijn inkomen voor later

Mijn baas heeft natuurlijk gelijk. Ik heb eens gekeken op mijn Uniform Pensioenoverzicht, kortweg UPO genoemd. In de 12 jaar dat ik nu werk heb ik toch al een paar duizend euro per jaar pensioen opgebouwd. Dat krijg ik later bovenop mijn AOW. Ik zag op mijn UPO dat ik later – als ik in de branche blijf werken – meer pensioen krijg dan AOW. Dat maakt later toch het verschil tussen lekker kunnen leven of alle eindjes aan elkaar moeten knopen.”